NIEUWSBRIEF VAN DE VERENIGING BASISINKOMEN

NUMMER 30 MAART 2000

ISSN: 09243038

INHOUDSOPGAVE

 

Jaarverslag 1999

Concept werkplan 2000

Acties van uw vereniging

Het belastingplan kan beter

Met behoud van uitkering

ATTAC

Het ei van Henry George, James Tobin en Eckart Wintzen

Een basisinkomen op Pleasant Island

De verzorgingsstaat nader beschouwd

FNV mist kans voor modernere sociale zekerheid

Website: www.citizensincome.org

Mededelingen

 

Jaarverslag 1999

I. ORGANISATIE.

1. Bestuur van de Vereniging Basisinkomen.

In 1999 bestond het bestuur uit zeven personen: Saar Boerlage (plv.voorzitter), Guido den Broeder, Ria Dijkstra, Wil Eijben, Gosling Putto (secretaris), Rob Steinbuch (penningmeester) en Robert van der Veen. Voorzitter: vacature.

2. Verenigingskantoor.

Het kantoor van de vereniging stond in 1999 onder beheer van Emiel Schäfer, die bij de Vereniging Basisinkomen een Melkertbaan heeft. Behalve door leden van het bestuur werd hij bijgestaan door Willem de Jonge. Op 15 augustus 1999 heeft de Vereniging het kantoor in het FNV-gebouw aan de Herman Heijermansweg 20 te Amsterdam moeten verlaten. Het nieuwe onderkomen voor het verenigingskantoor bevindt zich aan de Elisabeth Wolffstraat 96, 1053 TX Amsterdam.

3. Leden.

Eind 1999 bedroeg het aantal betalende leden van de Vereniging Basisinkomen ongeveer 250.

4. Werkgroep Onderzoek.

De Werkgroep Onderzoek wordt geleid door Paul de Beer. In overleg met het bestuur van de VBI worden de activiteiten van deze werkgroep vastgesteld.

5. Financiën.

De financiële situatie van de Vbi is, hoewel er weinig reserve is, gezond. De uitgaven zijn bescheiden omdat:

  1. De betaalde coördinator geheel wordt gefinancierd uit de Melkertregeling.
  2. De huur van het kantoortje laag is.
  3. Er door vrijwilligers veel werk wordt verzet en er op het kantoor uiterst zuinig wordt omgegaan met de noodzakelijke uitgaven.

De inkomsten zijn ook bescheiden: veel leden betalen noodgedwongen het minimum bedrag.

6. Werkgroep Public Relations.

Omstreeks maart is er een werkgroep pubIic relations gevormd, die bestaat uit Wil Eijben, Willem de Jonge en Emiel Schäfer.

II. ACTIVITEITEN.

1. Lezing en Nieuwjaarsborrel.

Op vrijdag 22 januari vonden in de Ronde Zaal van het gebouw van de UvA aan de Oudezijds Achterburgwal 235 in Amsterdam achtereenvolgens een lezing door Paul Metz, "Milieubelasting en basisinkomen" en de traditionele Vbi-nieuwjaarsborrel plaats.

2. Seminar "De verdelende rechtvaardigheid en basisinkomen".

Op vrijdag 3 september vond in de Ronde Zaal van het gebouw van de UvA het seminar "De verdelende rechtvaardigheid en het basisinkomen" plaats. Loek Groot hield een inleiding. Gijs van Donselaar trad op als co-referent.

3. Seminar "De Staat van de eenvoud"

Op 12 november vond het seminar "De staat van de eenvoud" plaats. Michiel van Hasselt behandelde thema's uit zijn boek "De Staat van de eenvoud", zoals een basisuitkering voor iedereen. Prof. A. Dirkzwager trad op als co-referent.

4. Middaggedeelte algemene ledenvergadering.

Op zaterdag 20 maart hield Alexander de Roo 's middags op de algemene ledenvergadering een lezing over de kans op samenwerking van de EG-landen inzake het basisinkomen. Deze werd gevolgd door een algemene discussie. De lezing is in Nieuwsbrief 27 weergegeven.

5. Website Vereniging Basisinkomen.

Emiel Schäfer, Florrie Barnhoorn en Johnny Jones hebben de website van de Vereniging Basisinkomen beter ingericht en breiden deze uit. Het nieuwe adres van deze site is: www.basisinkomen.nl.

III. CONTACTEN MET ANDERE ORGANISATIES.

1. Op zaterdag 8 mei bezocht een afvaardiging van de Vbi het partijcongres van de de Belgische partij Vivant, die een bi wil invoeren, dat plaatsvond in Brussel. Willem de Jonge heeft hiervan verslag gedaan in Nieuwsbrief 28.

2. De afhandeling van het BIEN-congres van september 1998 heeft in 1999 nog veel overleg gevergd o.m. met het congresbureau van de Universiteit van Amsterdam. Geconstateerd kan worden, dat nu alles naar wens is geregeld. De heren Loek Groot en Robert van der Veen hebben de tekst voor het te verschijnen boekwerk/verslag gereed gemaakt. Dit boek zal, naar verwachting, ruim voor de openingsdatum van het nieuwe congres verschijnen.

IV. NIEUWSBRIEF.

De Nieuwsbrief Basisinkomen verscheen in 1999 vier maal. De redactie bestond uit Saar Boerlage, Wil Eijben, Willem de Jonge, Gosling Putto en Emiel Schäfer. Er waren bijdragen van Saar Boerlage, Wil Eijben, Michiel van Hasselt, Willem de Jonge, Theo de Mare, Gosling Putto en Emiel Schäfer.

Gosling Putto, februari 2000

 

Concept werkplan 2000

1. Doelstelling van de Vereniging Basisinkomen

Het doel van de Vereniging Basisinkomen is het doen invoeren van een basisinkomen in Nederland. De vereniging is zich er van bewust dat dit doel naderbij komt indien ook in andere landen een basisinkomen wordt ingevoerd. Onder basisinkomen wordt verstaan een krachtens de wet maandelijks door het Rijk aan iedere Nederlander of ingezetene boven bepaalde leeftijd onvoorwaardelijk te verstrekken bedrag. Het basisinkomen dat aan personen, ouder dan 23 jaar wordt verstrekt dient een volledig basisinkomen te zijn, dat wil zeggen dat het door de wetgever voldoende wordt geacht om er als alleenstaande op maatschappelijk aanvaardbare wijze van te kunnen leven. Aan personen ouder dan 18 en jonger dan 23 jaar wordt een gedeeltelijk basisinkomen verstrekt.

2. Verwezenlijking van de doelstelling

Invoeren van een basisinkomen kan waarschijnlijk het eenvoudigst worden gerealiseerd via de belastingwetgeving. Er is thans in de nieuwe belastingwet reeds sprake van een heffingskorting voor iedereen van f 3.300,-- per jaar. De vereniging wil bevorderen, dat deze aanzienlijk hoger wordt.

Een voorstel om dan voorts een negatieve heffingskorting in te voeren voor hen, die een belastingverplichting hebben lager dan de heffingskorting, wordt thans uitgewerkt. De contacten met het ministerie van fmanciën en deskundige fiscalisten zullen worden versterkt.

Op de Nederlandse wetgeving wordt veel invloed uitgeoefend door de EG. Het doen uitvaardigen van een, op het invoeren van een basisinkomen gerichte richtlijn zal door de Vbi (wederom) worden bepleit.

3. Werkzaamheden van de Vereniging Basisinkomen.

De Vbi dient de volgende doelgroepen enthousiast voor het bi te maken:

4. Activiteiten van de Vereniging basisinkomen in 2000.

 

Acties van uw vereniging

Hierna volgen twee artikelen die de vereniging heeft weggestuurd. Het eerstvolgende artikel is opgestuurd aan de Volkskrant en aan de Fracties van de politieke partijen in de Tweede Kamer als bijdrage aan de discussie over de Belastingherziening 2001.

Het belastingplan kan beter

Het nieuwe belastingsysteem houdt nauwelijks rekening met het feit dat er in Nederland een tekort aan arbeidskrachten is: bijvoorbeeld de zorgsector schreeuwt om mensen. Ondertussen slagen wij er niet in om 'een harde kern van uitkeringsgerechtigden aan passend werk te helpen. Al jaren stellen vrouwen, gehandicapten, vijftig plussers e.a. dat zij graag parttime aan het werk zouden willen gaan maar dat zij binnen de huidige regelgeving er dan financieel niet of nauwelijks op vooruit gaan. Mijn voorstel is: wijzig enige regels in het belasting- en uitkeringssysteem en maak parttime werk aantrekkelijk. Zorg er wel voor dat er verschil blijft tussen het inkomen van fulltime werkers met een laag salaris en dat van uitkeringsgerechtigden.

De plannen van Zalm en Vermeend introduceren een heffmgskorting. Dat is prima maar met een veel hogere heffingskorting van f. 1000.per maand in plaats van de voorgestelde 0321.- per jaar, gekoppeld aan een negatieve belastingheffmg voor mensen die de heffingskorting niet, of niet geheel 'halen', zouden de bovengenoemde problemen worden bestreden. Voorbeelden (bij een belastingheffing van 33%): een uitkeringsgerechtigde die f. 900,- per maand gaat verdienen krijgt een besteedbaar inkomen van 0600,-. Iemand met een salaris van f 2.100,ontvangt f.2400,-, iemand met 0600,- netto f3400,- en bij f 4.200,-- houdt men f. 3800,-- over.

Dezelfde inkomensgroepen zouden bij een belastingheffmg van 50 % een maandelijks besteedbaar inkomen krijgen van: f. 1450.-, f. 2050.-, f. 2800.- en f. 3100.-. Alleen alleenstaanden, alleenstaande ouders en zij die recht hebben op bijzondere bijstand. zouden, als zij geen betaalde parttimebaan vinden afhankelijk blijven van het huidige uitkeringssysteem. Velen zullen echter op de krappe arbeidsmarkt passend werk kunnen vinden. Door deze gewijzigde heffingskorting komt er dus minder armoede, minder controle en minder krapte op de arbeidsmarkt.

Is zo'n gewijzigd plan financieel haalbaar?

Mijn antwoord is ja. Immers: minder onvervulde vacatures is goed voor de economie en de belastinginkomsten van het Rijk. Ook kan er op de uitgaven van de sociale diensten, de arbeidsbureaus en op sommige subsidies fors worden bezuinigd. Voor de Rijkskas zijn er echter ook nadelen, vooral als men de belastingheffmg op 33% zet. Bij 50% is er wellicht geen sprake van minder Rijksinkomsten. Maar is overigens bij een overschot een belastingtegenvaller 70 erg? De PvdA stelt voor om meer te gaan besteden aan zorg en onderwijs. Dat vraagt om meer werkkrachten. Welnu, mijn voorstel levert werkkrachten op. Mocht het Rijk door de gewijzigde hcffmgskorting echt in moeilijkheden komen dan zijn de heren Zalm en Vermeend slim genoeg om de benodigde extra belastinginkomsten te genereren....

Dus: wat houdt ons eigenlijk tegen?

Saar Boerlage

Met behoud van uitkering

Het volgende experimentvoorstel werd voor een prijsvraag uitgeschreven door de Start Foundation ingediend.

De Start Foundation wil organisaties helpen die zich bekommeren om personen die een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Start Foundation krijgt geld van Start uitzendorganisatie maar heeft een eigen onafhankelijk bestuur. Het fonds opereert in tegenstelling tot veel andere fondsen en subsidiegevers ook pro-actief. Omdat, zo is haar overtuiging, juist voor de kwetsbare groepen in onze samenleving onorthodoxe methoden vaak nodig zijn om resultaat te bereiken. Deze wedstrijd is daar een voorbeeld van.

Onder de titel: "ALS IK HET VOOR HET ZEGGEN HAD" wordt de problematiek in deze tijd geschetst. Ik citeer: "Het gaat goed met de werkgelegenheid in Nederland. De economie floreert en er komen jaarlijks duizenden nieuwe banen bij. Desondanks wil het niet lukken ook echt iedereen aan werk te helpen. Veel mensen willen dolgraag een vaste baan maar vallen op een of andere manier net buiten de boot. Vaak blijken initiatieven de doelgroep niet aan te spreken, zijn ze te ingewikkeld of borduren voort op uitgemolken concepten. En dan klinkt de roep om alternatieve, werkbare ideeën des te luider. Om deze te stimuleren, heeft START Foundation de Baanbrekerprijs in het leven geroepen. Met als doel de meest baanbrekende ideeën over werkgelegenheid boven water te krijgen. Er is een bedrag van f 30.000 aan prijzengeld en f 350.000,- om het meest baanbrekende plan te (laten) uitvoeren."

Inzendingen waren mogelijk tot 15 januari 2000. Saar Boerlage stuurde het volgende voorstel in:

MET BEHOUD VAN UITKERING

Opmerking vooraf

Uw schets van de huidige situatie is mij uit het hart gegrepen. Aan de Start Foundation Baanbrckerprijs doe ik gaarne mee omdat ik er van overtuigd ben dat ik een uitvoerbaar idee heb waardoor veel uitkeringsgerechtigden op een passende wijze aan de slag (kunnen) gaan. Het plan betreft twee fasen: een experimentele waarbij 'slechts' enige duizenden extra aan de slag kunnen gaan en de periode daarna waarin een veelvoud daarvan er baat bij heeft.

Analyse

De huidige regelgeving is zodanig dat uitkeringsgerechtigden (uitzonderingen daargelaten) werk moeten zoeken met een inkomen boven het uitkeringsniveau. Voor de meeste mensen betekent dat een baan van minimaal 32 uur per week. Wie, vanwege bijv. zorgtaken, lichamelijke of psychische beperkingen, slechts een parttime baan kan aanvaarden, blijft veelal aangewezen op een bijstandsuitkering, hetgeen inhoudt dat de verdiensten grotendeels worden 'ingehouden'. Al jaren stellen 'vrouwen in de bijstand', gehandicaptenorganisaties, vijftig plussers e.a. dat zij graag parttime aan het werk zouden willen maar dat hen de impuls om te werken wordt ontnomen omdat ze er financieel nauwelijks baat van ondervinden. Voor enkele beroepsgroepen zijn er regelingen die aan de situatie van parttimers zijn aangepast. Het betreft kunstenaars en sinds kort ook topsporters.

Voorts is er (in Amsterdam) de 'bijverdienregeling': moeders met jonge en schoolgaande kinderen, gehandicapten en mensen tussen de 57 1/2 en 65 jaar, mogen per maand met behoud van uitkering ongeveer f. 300,-- van hun verdiensten houden. Maar dit extra inkomen is soms nauwelijks "voordelig", omdat men dan minder subsidies ontvangt en de kwijtschelding van belastingen niet meer van toepassing is. Ook aan kleding e.d. is men dan vaak een hoger bedrag kwijt. Gemiddeld maken in Amsterdam slechts 1600 uitkeringsgerechtigden gebruik van deze regeling. Dat zijn vooral alleenstaande ouders.

Als er een veel hoger bedrag maandelijks aan het eigen budget mag worden toegevoegd zal het aantal uitkeringsgerechtigden dat op de arbeidsmarkt daadwerkelijk actief wordt aanzienlijk stijgen. Als de overheid zou toegeven dat zij die langdurig op een uitkering zijn aangewezen in de meeste gevallen niet (direct) in een fulltime functie kunnen starten, kan er passend beleid worden ontwikkeld. Met een experiment zou kunnen worden aangetoond dat een aanzienlijk deel van deze uitkeringsgerechtigden wel degelijk aan de slag wil gaan.

Uitwerking

Het is niet de bedoeling dat deze parttimers tot in de lengte van jaren een uitkering en een door middel van parttime werk verworven inkomen krijgen. Daar zouden mensen met een fulltimebaan (en een laag inkomen) geen begrip voor kunnen opbrengen. Het plan is bovendien uitsluitend bedoeld voor mensen. die al geruime tijd van een uitkering afhankelijk zijn. Er zal geen betutteling zijn. Wie bij het zoekcn van de parttime baan geholpen wil worden moet dat kunnen aanvragen maar er wordt vanuit gegaan dat het merendeel zelf een baantje, of een inkomen als kleine zelfstandige zoekt.

Concreet zou ik. als ik de prijs zou winnen, in Amsterdam of elders, onder de langdurig uitkeringsgerechtigden een oproep plaatsen mee te doen aan een experiment: gedurende 2 jaar (en onder voorwaarden een eventuele verlenging) parttime aan de slag gaan met behoud van uitkering. De extra inkomsten zouden uiteraard aan een maximum gebonden zijn. Noch het Rijk, noch de gemeente, worden door dit experiment op kosten gejaagd. Men kan stellen dat een (klein) deel van deze uitkeringsgerechtigden anders in de experimenteerperiode een betaalde baan had geaccepteerd maar daar staat tegenover dat het Rijk belasting ontvangt over de inkomsten van alle parttimers.

Ook de gemeente zal geen, of nauwelijks, hogere kosten hebben. De administratie van de parttimers zal van de sociale dienst wel extra inspanning vergen maar er wordt op de bemiddelingsrol en de controlegesprekken bezuinigd

Naar mijn overtuiging zal een aanzienlijk deel van de parttimers na (of ook al tijdens) de experimenteerperiode van de parttimebaan bijvoorbeeld een 30-uur baan maken, waardoor men de uitkering niet meer nodig heeft.

Blijft over de 'onderzoekskosten'.

Het experiment zal door een onafhankelijk bureau moeten worden begeleid en geëvalueerd. Dit zou met de in het vooruitzicht gestelde f. 350.000 kunnen worden bekostigd.

VERWACHT RESULTAAT

Van de deelnemers aan het experiment zal na twee jaar een aanzienlijk deel zelfstandig op de arbeidsmarkt aan de slag zijn., zonder nog afhankelijk te zijn van een uitkering. Anderen zullen passend parttime werk hebben gevonden hetgeen zowel voor de persoon zelf, als voor de maatschappij sterk te verkiezen is boven het 'aan de kant staan'. De overheidsinstellingen zullen dan onder meer de vrijlatingregeling bijstellen. Uitkeringsgerechtigden zullen dan tijdelijk en in sommige gevallen voor een langere termijn van deze verruimde regeling gebruik kunnen maken.

 

ATTAC

De vereniging Attac-Nederland, aangesloten bij de internationale Attac-beweging, heeft ten doel de wereldwijde kapitaal stromen zowel nationaal als internationaal aan banden te leggen. Daarmee streeft zij naar een democratisch gecontroleerde economie die rechtvaardig en ecologisch duurzaam is.

Op grond van deskundigheid onder haar leden zal de vereniging inzicht bieden in het fimctioneren van de internationale financiële wereld en het gebrek aan democratische controle daarop waardoor transnationale ondememingen en banken erin slagen hun macht steeds verder uit te breiden. Dit uit zich onder meer in de alom toenemende inkcmensongelijkheid en onherstelbare aantasting van natuur en milieu.

Het volgende artikel werd geschreven voor Attac-Nederland door Paul E. Metz, lid van onze vereniging. Voor onze vereniging geeft het artikel aanknopingspunten op het gebied van bezitsverhoudingen en een rechtvaardige verdeling van de opbrengsten van het vruchtgebruik van onze planeet. Wellicht kan Attac-Nederland het basisinkomen aan haar doelstellingen toevoegen.

 

Het ei van Henry George, James Tobin en Eckart Wintzen

Door Paul E. Metz

Er zijn veel waardevolle dingen die 'van niemand' zijn, vooral in de natuur. Zij worden gratis gebruikt en dat was geen probleem zolang er genoeg overbleef. Door het toenemende gebruik worden deze 'natuurlijke hulpbronnen' echter aangetast en regeringen proberen het gebruik met allerlei regels te beheersen. Recente ervaringen leren echter dat het moeilijk is met alleen regels het collectieve bezit goed te beschermen.

Vroeger gaven absolute heersers, die hun rijk in privé-bezit hadden. stukken land als beloning aan trouwe dienaren, die hun bezit meestal goed verzorgden en in waarde zagen stijgen. Nu zijn cr inmiddels ook andere natuurlijke hulpbronnen dan land te beheren en wcrdt het publiek bezit beschouwd als eigendom van de staat, dus van de inwoners.

Bij privatiseringen wordt publiek bezit, zoals een overheidsbedrijf, niet meer weggegeven aan de bestuurselite, maar meestal verkocht aan de meest biedenden. Het is echter ook mogelijk deze te verpachten, maar deze keuze wordt vaak niet - of niet zichtbaar - gemaakt. Bij verkoop ontvangt de gemeenschap een eenmalige opbrengst, terwijl latere waardestijgingen geheel ten goede komen aan de kopers, die daarop meestal speculeren. Bij verpachten blijft het eigendom bij de gemeenschap, die eeuwig een jaarlijkse opbrengst ontvangt, die bij waardestijging ook toeneemt. Bovendien blijven wijzigingen in de bestemming gemakkelijk mogelijk, zonder 'planschade' als beloning voor de speculanten.

Omdat naast de verkoop aan private investeerders ook de exploitatie door staatsbedrijven grote nadelen heeft, lijkt 'democratische privatisering' als 'een derde weg' aantrekkelijk om publiek bezit te beheren. Het milieu is 'van iedereen': elke inwoner is 'aandeelhouder van de aarde'. De staat int als rentmeester namens alle inwoners de pacht die alle gebruikers betalen via heffingen. Of vanuit mondiaal perspectief bekeken; elke inwoner bezit één aandeel 'gebruik van de planeet aarde' en de opbrengst van gebruiksheffingen wordt aan iedereen uitbetaald als dividend.

Mogelijkheden voor zulke heffingen zijn: een kabelnetwerk, een quotum vis, hout, zand of aardgas, een reclameboodschap, internationale valutatransacties, vormen van grondgebruik zoals een vliegveld, fabriek, spoorlijn of weg, een quotum lawaai, de uitstoot van gassen in de lucht, van stoffen in water en stortplaatsen. De optimale hoogte van deze heffingen kan niet worden berekend, maar wordt in de praktijk bepaald door geleidelijke kleine verhogingen totdat een evenwicht ontstaat tussen marktvraag en - door het parlement - duurzaam geacht verbruik.

Zo wordt door het recht op vruchtgebruik van de aarde gelijktijdig duurzaam natuurgebruik gewaarborgd en een nieuwe concrete invulling gegeven aan het universele mensenrecht om te kunnen voorzien in het eigen levensonderhoud. Geleidelijke invoering in Nederland en andere landen is gewenst en leidt tot leereffecten bij burgers en bedrijven. De bestaande milieuheffingen, parkeergelden en aardgasopbrengsten maken een vliegende start mogelijk, terwijl de milieu- en grondstofgebruiksheffingen en de Tobin Tax kunnen volgen.

De huishoudens met een kleiner dan gemiddeld verbruik - dus de meeste! - gaan er netto op vooruit, want hun dividend is hoger dan hun heffmgen. Ook krijgen bedrijven met een kleiner verbruik dan het gemiddelde in hun secta een voordeel ten opzichte van andere bedrijven. Efficiëntie en niet speculatie wordt beloond.

Het 'planeet-aandeel' kan niet worden verkocht en geeft alle burgers een jaarlijks dividend Naarmate dit groeit, kunnen sociale betalingen worden verminderd. Het dividend kan eerst worden verrekend met de publieke uitgaven aan kinderbijslag, studiebeurzen, uitkeringen, AOW, enz. Geleidelijk kunnen de bestaande structuren worden vervangen en ontstaat een sociaal stelsel zonder voorwaarden en ambtenaren. Solidariteit is dàn geïntegreerd in de markt en alle burgers zijn voor hun basisbehoeften financieel onafhankelijk Duurzaamheid en vrijwaring van armoede zijn gerealiseerd - sociale dumping, speculatie en milieuplundering verdwenen van de wereld.

 

Een basisinkomen op Pleasant Island

Door Gosling Putto

Ruim tweeduizend jaar geleden konden de Polynesiërs zonder technische hulpmiddelen de weg op zee al even goed vinden als de weg op het land. De stand van de zon en de sterren, het gedrag van de wind en de kleur van de lucht maakten het hun mogelijk met hun reiskano's piepkleine eilandjes terug te vinden, die binnen een straal van vele honderden kilometers geen buureilanden hadden. Op de geschiktste eilanden bleven ze wonen.

Eén zo'n eilandje was Nauru, gelegen op 42 km ten Zuiden van de evenaar en 1200 km ten Oosten van Nieuw Guinea. Het heeft een grootste doorsnede van ruim 5 km en een oppervlakte van 21 km2. Het dichtstbij ligt Ocean Island, op 350 km afstand. Nauru's hoogste punt ligt op 65 01 boven het zeeniveau, zodat je er met een boot vrij dichtbij moet zijn om het te kunnen zien. Het is al meer dan tweeduizend jaar bewoond en in die tijd is er een eigen taal ontwikkeld, die nog steeds gesproken wordt en nog steeds niet geschreven. In de miljoenen jaren voordat er mensen kwamen werd het eiland druk bezocht door vogels. Hun versteende uitwerpselen spelen voor Nauru een belangrijke rol.

Na de ontdekking in 1798 begonnen Europese walvisvaarders en handelaars rond 1830 het eiland aan te doen en noemden het destijds vanwege de weelderige natuur en de ontspannen en harmonieuze leefwijze van zijn bewoners "Pleasant Island". In die tijd was het in 12 stukken verdeeld, die elk door een clan werden bewoond. Het aantal inwoners varieerde rond 1500. Dit aantal is aanleiding voor één van de officiële feestdagen op Nauru: Angam Day op 26 oktober. Op deze dag worden de diverse momenten herdacht waarop de bevolking van Nauru weer boven de 1500 uitkwam. welk aantal noodzakelijk wordt geacht voor het voortbestaan van dit volk. In de periode van 1843 tot 1880 nam hun aantal dankzij de verwerving en het gebruik van vuurwapens en alcohol af van 1443 tot 880. Onder andere vochten de twaalf clans een tienjarige oorlog uit. Tegenwoordig telt de Republiek Nauru 10.000 inwoners, waarvan 7000 autochtonen.

In 1896 kreeg een Australische scheikundige een stukje versteend hout onder ogen, dat iemand als souvenir van Nauru had meegenomen. Onderzoek van dit souvenir maakte duidelijk, dat de bodem van Nauru uit gesteente met een zeer hoog fosfaatgehalte moest bestaan. En inderdaad, Australische deskundigen konden vaststellen dat de bodem van Nauru voor miljarden dollars aan delfstoffen bevatte. Nauru bleek niet alleen mooi te zijn, maar ook nog rijk.

De Australische Pacific Phosphate Company begon in 1906 (met concessie van Duitsland, dat in 1886 het mandaat over het eilandje had gekregen) met de exploitatie van de fosfaatmijnen. In 1920 gaf de Volkerenbond het mandaat over het eilandje aan Engeland, Australië en Nieuw Zeeland en werd het recht op de fosfaatwinning toebedeeld aan de British Phosphate Commissioners. Vanaf dat jaar werden de bestuurlijke activiteiten door Australische ambtenaren uitgevoerd. Na de Tweede Wereldoorlog ontstond er op Nauru een streven naar onafhankelijkheid, ongetwijfeld geïnspireerd door hoge waarde van de Nauruaanse delfstoffen.

Rond 1964 was te voorzien, dat de fosfaatvoorraden binnen een jaar of dertig zouden zijn uitgeput en dat het oppervlak van Nauru dan hoofdzakelijk uit kale en onvruchtbare rotsen en kunnen zou bestaan. Daarom werd aan de bevolking de gelegenheid geboden om in haar geheel te verhuizen naar North Curtis Island, vlak voor de kust van Noord-Oost Australië. Een prachtig eilandje van 30 vierkante km, met riviertjes en meertjes met zoet water, die op Nauru ontbreken. Maar niemand voelde er voor. Men wilde nog steeds onafhankelijkheid. In 1966 werden er een wetgevende en een bestuurlijke raad opgericht, die de Nauruanen al een grote mate van zelfbestuur gaven en in 1967 kochten de Nauruanen de installaties van de British Phosphate Comrnissioners.

In 1968 werd de Republiek Nauru een feit. De Nauruanen, toen 2000 in getal, hadden meteen het hoogste BNP per hoofd van de bevolking ter wereld. Ze kregen vrijwel aIlemaai ook een goed inkomen, als zelfstandige, als werknemer van de Nauru Phosphate Corporation, als mede-eigenaar van fosfaathoudende grond, of als ambtenaar. Ze hoefden geen belasting te betalen, en huisvesting, onderwijs en medische verpleging werden vrijwel gratis. Ook al heeft het eiland maar één weg, de meeste gezinnen houden er twee auto's op na en minimaal twee tv's en een menigte andere elektronische apparatuur. Men woont in licht verwaarloosde eenvoudige prefabwoningen, simpelweg omdat men dat goed genoeg vindt. De temperatuur overdag ligt meestal tussen 24 en 32 graden Celsius. Om de bevolking ook tot in de verre toekomst van een behoorlijk inkomen te kunnen voorzien werd in het jaar van de onafhankelijkheid de Nauru Phosphate Royalties Trust (NPRT) opgericht, die de fosfaatwinsten in solide beleggingen en investeringen moest onderbrengen, zodat Nauru blijvend van hoge inkomsten verzekerd zou zijn. Onder direct toezicht van de regering begon de NPRT met de aankoop en exploitatie van onroerend goed in de gehele wereld en het oprichten van een scheepvaart- eh een luchtvaartmaatschappij.

Inmiddels is de fosfaatvoorraad zo goed als uitgeput en is de NPRT begonnen met sommigen die daarbij rechten hebben opgebouwd uit te betalen. Maar het is maar zeer de vraag of in de toekomst aan alle te verwachten verplichtingen kan worden voldaan. Rond 1991 bezat het fonds voor meer dan 1,2 miljard US dollars aan projecten en bedrijven, maar in 1996 moest tot woede van de bevolking worden vastgesteld dat het fonds nog maar voor 540 miljoen doIlar aan bezittingen had. Het was meermalen opgelicht en had onder andere een vordering van 60 miljoen dollar op een zwendelaar, alsmede de verplichting om 26 miljoen te betalen voor een industrieterrein in Melbourne, dat een waarde van ongeveer 8 miljoen had. Veel projecten waren door onkunde, speculatie en onjuiste externe advisering totaal mislukt. Er waren schulden gemaakt van onbekende omvang, die mogelijkerwijze de waarde van de bezittingen benaderden. De regering exploiteerde zelf, met grote verliezen, de luchtvaartmaatschappij (en ooit ook de inmiddels failliete en opgeheven scheepvaartlijn) en andere ondernemingen en sloot leningen om zaken te kwmen doen en om de begrotingstekorten aan te vullen. Het is niet aannemelijk, dat het fonds een erg groot deel van de fosfaatinkomsten zal kunnen vervangen. Het optreden van de bestuurders van Nauru steekt somber af bij het handelen van de leiders van het vergelijkbare Koeweit. De opbrengsten van de door hen met oliewinsten gefinancierde investeringen zijn nu al hoger dan de opbrengsten van de olie.

Toen één van de presidenten kort na zijn verkiezing aankondigde, dat de regering te grote tekorten had en de overheidsuitgaven drastisch zou gaan beperken, werd hij prompt via een motie van wantrouwen van het parlement aan de kant gezet. Kennelijk had hij de schuld van de ellende niet aan de juiste politici gegeven. Maar ook zijn opvolgers konden er niet aan ontkomen om de overheidsuitgaven met 60% te verminderen en in de toekomst zal er mogelijkerwijze enig belasting worden geheven. Het bezoek van Australische ziekenhuizen en het studeren aan Australische universiteiten zal men ooit gedeeltelijk zelf moeten bekostigen. En het is zeer de vraag of Nauru zich wel blijvend zijn 2000 ambtenaren zal kunnen veroorloven.

De meest recente bron van overheidsinkomsten is de exploitatie van de onafhankelijkheid van Nauru: het creëren van een belastingparadijs en het tegen betaling bieden van de mogelijkheid om geheime transacties uit te voeren. Dit blijkt volgens regeringsfunctionarissen zeer winstgevend te zijn, maar hoe winstgevend blijft geheim. Het tegoed aan alleen al Russisch vennogen op Nauruaanse banken bedraagt ruim 70 miljard US dollar. Hiernaar gevraagd, deelde de huidige president, R.Harris, een reporter mee: wat hebt U daar mee te maken, en beëindigde het telefoongesprek. Maar inmiddels is wel een onderzoek begonnen naar de eventuele steun die Nauru feitelijk verleent aan de Russische maffia en heeft de regering aangekondigd dat de "offshore banking zal worden gerenoveerd". Nauru laat via internet weten, dat iedereen die dat wit' op Nauru een bank kan beginnen en hoeveel dat kost. De site is versierd met plaatjes van waslijntjes waaraan bankbiljetten hangen te drogen.

Inmiddels ziet de bevolking de toekomst met ongebroken optimisme tegemoet. Het goede leven gaat door: overdag hebben de meeste mensen werk (aantal werklozen: 0) al zien sommigen daar maar van af, en 's avonds verzamelen de gezinnen zich met kinderen en al aan het strand om daar te eten, te zwemmen en te praten; het lijkt of niemand ooit slaapt. Al vanaf het begin van de fosfaatwinning gelooft de bevolking dat het eiland weer hersteld zal worden. Van Australië heeft Nauru via het Internationaal Gerechtshof in Den Haag al een bedrag van 60 miljoen dollar wegens het toebrengen van schade aan de natuur afgedwongen.

Er bestaan uitgebreide plannen om het maanlandschap dat 80% van het eiland uitmaakt te herstellen en te voorzien van ecn nieuwe toplaag met de oorspronkelijke beplanting en van een natuurlijk ogende opvang van regenwater in beken en meertjes. Met het kweken van de planten is al begonnen. Het land zal worden geëgaliseerd, en de hopen tijdens de mijnbouw verwijderde grond zullen samen met huishoudelijk afval gebruikt worden voor een vruchtbare bovenlaag. De tevoorschijn gekomen uitsteeksels van koraalgesteente zullen deels worden vergruizeld en deels gebruikt voor het maken van superieure bouwstenen voor huizen. De visserij zal meer aandacht krijgen, evenals de biodiversiteit, een milieuvriendelijke energievoorziening en het toerisme, en op de nieuwe grond komen cocos- en fruitplantages. Hierbij zal, anders dan bij de fosfaatwinning geen gebruik meer worden gemaakt van gastarbeiders (waarvan er nu 3000 aanwezig zijn). Ten slotte zal ook de traditionele cultuur weer in ere hersteld worden en de huidige hamburgercultuur sterk terugdringen. De naam Pleasant Island zal velen weer te binnen schieten, ook al zal er van de beoogde toevloed van buitenlandse rijkdom niet veel terechtkomen.

 

De verzorgingsstaat nader beschouwd

Op 28 februari 2000 was er een forumbijeenkomst, georganiseerd door de studenten van de sector moderne gcschiedenis van de Universiteit van Amsterdam. Er waren drie sprekers: prof. Piet de Rooy (hoogleraar moderne geschiedenis), dr. Alie de Regt (sociologisch instituut) en mr. Maartje van Westerop (werkzaam bij Ballast Nedam). Ondergetekende was een van de mensen in de zaal en deed mee aan de discussie.

Prof. De Rooy gaf een terugblik op het ontstaan en de latere invulling van de Nederlandse verzorgingstaat. Zo’n 100 jaar geleden is deze ontstaan toen velen de armenzorg gingen afwijzen en men o.m. voor werknemers verzekeringen bij ongevallen of werkloosheid wilde invoeren. De politiek heeft daarbij direct een belangrijke rol gespeeld naast organisaties van werkgevers en werknemers. De gezamenlijke doelstellingen waren enerzijds gericht op het reguleren van de arbeidsmarkt en het voorkomen van onrust en anderzijds vanuit de politiek ook op het binden van de bevolking aan de natiestaat. De parlementaire invulling leidde in de loop der jaren tot een bonte stoet compromissen, resulterend in een lappendeken van (bureaucratische) regels. Geconstateerd kan nu worden, dat er nauwelijks discussie over achterliggende waarden plaats vond en -vindt. Er is een soort mechanische solidariteit. Alleen over kostenbeheersing e.d. maakt men zich druk.

Alie de Regt begon met te constateren dat er al enige decennia een tendens is om de verz.orgingsstaat 'in crisis' te verklaren. Er is dus wel wat aan de hand. Zij concentreerde zich op de stelling: "de verzorgingsstaat heeft een negatieve uitwerking op het gedrag van betrokkenen".

Zij noemde vervolgens drie substellingen:

  1. de verzorgingsstaat ondermijnt de arbeidsmotivatie
  2. tast het verantwoordelijkheidsgevoel aan
  3. versterkt de opkomst van de calculerende burger.

Als sociologe kon zij vervolgens aantonen dat de drie substellingen grotendeels 'borrelpraat' zijn. Grotendeels want bij (a) is de armoedeval wel een aspect en is het ook duidelijk dat niet iedereen werk accepteert dat vergeleken bij eerdere arbeid veel minder beloond wordt en/of gedwongen verhuizing inhoudt. Bij (b) is de balans tussen 'rechten en plichten' aan de orde. Onderzoekers uit Tilburg konden echter bij betrokkenen geen vergaand consumentisme vinden. Overigens is groeiend consumentisme een algemeen verschijnsel. Dat geldt ook voor (c), de opkomst van de calculerende burger. Dit gedrag vindt men niet alleen bij uitkeringsgerechtigden. Mensen die ingewikkelde belastingfonnulieren invullen (en dat zijn niet de uitkeringsgerechtigden) maken er zelfs een sport van om optimaal te profiteren van de mogelijkheden die de regels bieden. Zij bestreed derhalve de negatieve invloed op het gedrag van de verzorgingsstaat. Wel had zij kritiek op politici die beweren, dat de kiezers t.a.v. uitkeringsgerechtigden minder solidair zouden worden. "Ook dat is niet bewezen. Wel staat vast, dat de uitkeringen nu veelal te laag zijn."

Mevrouw Wcsterop sprak als rechtssociologe, los van haar huidige werkgever. Zij stelde dat de wetten en regels niet zo zeer sturend zijn maar meer volgend. De verzorgingsstaat verandert ook niet wezenlijk als er door onderhandelingen of parlementaire besluiten nieuwe regels worden opgelegd. Als voorbeeld noemde zij de privatisering van de zicktewet. Uiteindelijk is er niet zoveel veranderd: het bedrijfsleven heeft de risico's in eigen regelingen ondergebracht.

De verzorgingsstaat verandert echter wel, als er 'van buiten' maatschappelijke veranderingen komen. Dat is nu het geval.

Zij stelde, dat de gemiddelde mens niet in staat is tot meer dan twee vergaande omscholingen. Het bedrijfsleven heeft - en dat is duidelijk aantoonbaar - weinig behoefte aan mensen, die de computer- en internet-ontwikkelingen niet meer in de vingers krijgen. Nu er op dit gebied sprake is van een revolutie zal er - zij het met enige vertraging - in de verzorgingsstaat omgeschakeld dienen te worden. Bij politici is nu (vanwege de vergrijzing en het tekort aan arbeidskrachten) het idee boven komen drijven dat de VUT-regelingen moeten verdwijnen opdat de feitelijke pensionering weer boven de 60 (65?) komt te liggen.

Mevrouw Westerop denkt niet dat dit realiteit wordt. Zij stelde dat het bedrijfsleven nu al niet iedereen wil en kan opnemen. Dit verschijnsel is in heel West Europa te constateren. Elders zijn er meer mensen in de WW. In Nederland hebben we hogere WAO-cijfers. Maar alles wijst er op dat we (in Europa) de frustraties op de arbeidsmarkt niet door de huidige maatregelen kunnen opvangen.

Zij hield ten slotte een pleidooi om de consequenties daarvan onder ogen te zien en de desbetreffende mensen daar niet de dupe van te laten zijn.

Jullie begrijpen dat ik in de discussie het begrip 'basisinkomen' introduceerde. Mevrouw Westerop toonde zich daar geen voorstander van omdat ‘ook mensen met een heel goed inkomen daarvan zouden profiteren’. Toen ik vervolgens kon uitleggen dat met een gewijzigde heffmgskorting dit bezwaar kan worden weggenomen, kreeg ik niet alleen bij haar maar ook bij andere aanwezigen instemmende reacties.

Conclusie: misschien moeten we toch onze naam veranderen. Helaas is de naam ‘Pro Hef’ reeds in omloop voor iets anders. Wellicht is 'belasting plan voor iedereen’ een idee?

Saar Boerlage

 

FNV mist kans voor modernere sociale zekerheid

FNV-strateeg Kris Douma wil cappuccinomodel: basisuitkering met melk en cacao

Dat de FNV hardleers blijft, blijkt uit de Volkskrant van 13 januari 2000. Ik citeer: "Volgens Kris Douma gaan de sociale partners en het kabinet in hun onenigheid voorbij aan de kern van het probleem: de sociale zekerheid zelf. In zijn visie gaan we toe naar een basisstelsel waarin een basisuitkering voorkomt die door de overheid wordt toegekend en uitbetaald". Iedereen tussen 18 en 65 jaar die beschikbaar is voor werk moet volgens Douma zo'n basisuitkering krijgen. Zijn norm is een halve bijstandsuitkering voor een gezin, zo'n 1000 gulden per maand. Werkenden krijgen die uitkering door een belastingkorting. Werkzoekenden krijgen het bedrag uitbetaald.

"Neem tweeverdieners. Als de één ontslagen wordt na jarenlang premie betalen, krijgt die een tijdje WW, maar vervolgens geen bijstand omdat de partner werkt. Dat is toch raar?"

Juist nu is een grondige vernieuwing nodig, omdat de flexibilisering van de arbeidsmarkt en de individualisering daarom vragen. "De economie groeit, het aantal uitkeringsgerechtigden is relatief laag en er zijn volop vacatures. Laten we dan nu een groot Deltaplan maken om de sociale zekerheid te vernieuwen. Of moeten we zoals in de 20ste eeuw wachten tot het aantal uitkeringsgerechtigden oploopt of tot het kabinet een begrotingsprobleem heeft?"

Nu is er ruimte om een paar jaar uit te trekken voor de omschakeling naar een basisstelsel. Dan kan iedereen zich erop voorbereiden.

Bij een basisuilkering wil Douma het niet laten. Het is het cappuccinomodel. De overheid verzorgt met de basisuitkering de koffie. De CAO verzorgt de melk en de werknemer kiest zelf desgewenst voor een vleugje cacao.

Douma's plan is vrijwel identiek aan een plan van Ronald de Leij, directeur sociale zaken van VNO-NCW. Politieke partijen willen zich niet aan een discussie over vernieuwing van de sociale zekerheid wagen. Douma: PvdA-fractievoorzitter Melkert vindt het zijn verdienste dat hij de discussie heeft beperkt tot de uitvoering. De schrik van de WAO-crisis van 1991 zit de PvdA nog in de benen. Terwijl zich nu een gouden mogelijkheid voordoet om de sociale zekerheid werkelijk te vernieuwen en houdbaar te maken voor de toekomst.'

Het is jammer dat Douma deze kans laat liggen en die extra stap niet zet. Zo nieuw zijn deze iedceën helemaal niet. In plaats daarvan wordt de oude koffie van 10 jaar geleden weer opgediend. Iedereen moet weer beschikbaar blijven voor betaald werk en de mogelijkheden om onbetaald werk te doen of zelf te kiezen wordt, zoals we al jaren van de FNV gewend zijn, de kop ingedrukt.

De FNV is er alleen maar voor de 50 % van de Nederlanders die betaald werk verrichten want daar zitten de potentiële leden. De overige 50 % bekijkt het maar.

 

Website: www.citizensincome.org

Citizens-Income is in het Verenigd Koninkrijk geregistreerd als een educational charity. Een educatieve liefdadigheidsinstelling die universiteiten, scholen en bedrijven van informatie voorziet door middel van seminars, conferenties en lezingen over het basisinkomen (citizens income). De website van citizens income is opgezet om ideeën, commentaar en suggesties uit te wisselen. Op de welkomstpagina zijn al meteen veel verschillende onderwerpen aan te klikken op onderstreepte teksten of door kleine vierkante foto's aan te klikken.

De website geeft toegang tot veel materiaal dat door Citizens Income gepubliceerd is. Dat zijn oude nieuwsbrieven, artikelen en verwijzingen naar boeken die uitgegeven zijn. Maar ook veel uitleg over de doelstellingen van Citizens Income. Er kunnen ook boeken besteld worden. De website geeft informatie over komende activiteiten en artikelen die in de pers zijn verschenen. Er zijn ook veel links naar organisaties met een sociaal doel in het Verenigd koninkrijk, links naar enkele kranten en links naar organisaties in het buitenland.

Ik vond de site makkelijk te navigeren en de opmaak is rustig. Geen ingewikkelde bewegende beelden maar rustige kleuren. Men heeft zich gehouden aan de regel dat er zo weinig mogelijk doorgeklikt moet worden. Onderzoek heeft uitgewezen dat hoe vaker een bezoeker van een website moet aanklikken om op een bepaalde pagina te komen, hoe meer mensen er afhaken. Een beginpagina met meteen al vele mogelijkheden verdient dus de voorkeur. Het enige nadeel vond ik dat de letters in de artikelen erg klein zijn.

De discussiepagina zal binnenkort van start gaan.

 

Mededelingen

Verspreiding van posters, folders en nieuwsbrieven

Door heel Nederland verspreid liggen honderden openbare bibliotheken. Veel van die bibliotheken hebben een prikbord, waarop ideële dan wel buurtgebonden mededelingen kunnen worden gehangen. Verder hebben zij een leestafel, waarbij op de schappen een partij niet uitleenbare tijdschriften ter lezing ligt. Dat zijn werken van zeer uiteenlopende aard: hobbyclubs, wetenschappelijke bladen, een veteranentijdschrift enz. En ten slotte is er bij de uitgang vaak een rek of blad met mee te nemen folders.

Onze bedoeling is nu als vereniging bij de bibliotheken toegang te krijgen door maandelijks een poster op te hangen op het prikbord, het laatste nummer van de Nieuwsbrief op de schappen bij de leestafel te krijgen en een stapeltje door het publiek mee te nemen folders op de daartoe bestemde plank.

Aan onze leden, die bereid zijn daaraan mee te werken, hebben wij het volgende verzoek

Zoek een of meer vestigingen van de openbare bibliotheek uit en bekijk die op mogelijkheden van prikbord, leestafel en folderschap.

Ga, voorzien van voorbeeldmateriaal naar de balie en leg uit wat je wilt. Misschien is een en ander meteen te regelen, misschien moet een of andere directie beslissen. Handel naar bevind van zaken.

Als er toestemming wordt verleend, ga dan elke maand de poster verwisselen en de voorraad folders aanvullen: zorg voor een nieuwe Nieuwsbrief, als die uit is.

Het benodigde materiaal krijg je van de vereniging. Hoe we dat met de posters doen, moet nader bekeken worden. Misschien kiezen we per maand een zelfde poster voor heel het land, misschien kun je beter zelf uit de voorraad een keuze maken.

Misschien zie je in je omgeving nog andere mogelijkheden om materiaal te slijten, b.v. in een buurthuis, een universiteit. Handel naar bevind van zaken en laat het ons weten.

Omdat het een eerste begin is, blijven we graag op de hoogte van de resultaten. En voor nieuwe suggesties staan we uiteraard graag open.